Jeugdige overmoed: een risico als een ander

Jonge werknemers zijn vaak onervaren en daardoor erg kwetsbaar. Ze moeten dan ook extra beschermd worden. De Belgische wetgeving bevat daarom enkele speciale regels voor jongere werknemers.  

 

Wat is een ‘jongere’? 
Uit de arbeidsongevallenstatistieken blijkt duidelijk dat jonge werknemers veel vaker het slachtoffer worden van arbeidsongevallen dan hun oudere collega’s. Daarom is de bescherming van jongeren geregeld in de Codex welzijn op het werk. De codex beschouwt volgende personen als ‘jongeren’: 
- minderjarige werknemers die 15 jaar zijn of ouder en die niet meer onder de voltijdse leerplicht vallen;
- personen met een leerovereenkomst, (ongeacht de leeftijd);
- jobstudenten (ongeacht de leeftijd);
- leerlingen die een leerprogramma volgen waarin een vorm van arbeid voorzien is in de onderwijsinstelling.
De leeftijd is dus niet de enige factor die bepaalt of iemand al dan niet een jongere is. Ook het soort opleiding (leercontract of leerprogramma) of het type arbeidscontract (jobstudent) kan ervoor zorgen dat iemand onder de Belgische wetgeving als jongere beschouwd wordt. 

En stagiairs dan?
Een stagiair wordt door de wetgever niet als een ‘jongere’ beschouwd. Een stagiair is een leerling of student die, om beroepservaring op te doen,  door zijn onderwijsinstelling naar een bedrijf of instelling gestuurd wordt om te werken in dezelfde omstandigheden als de werknemers daar.
Wel genieten de stagiairs dezelfde bescherming als jongeren. Wat verschilt zijn de regels rond het gezondheidstoezicht (zie verder). 

Verboden taken
De codex bevat een lijst met activiteiten die verboden zijn voor jongeren. De wetgever vindt deze werkzaamheden te riskant om ze te laten uitvoeren door jonge werknemers. 

Een greep uit de verboden activiteiten voor jongeren:  
• Werken met bepaalde biologische agentia
• Werken met ioniserende straling
• Werken in overdruk
• Werken met giftige stoffen
• Werken met ontvlambare gassen, aerosolen, vloeistoffen en dampen en ontplofbare stoffen
• Werken met allergenen, kankerverwekkende stoffen, mutagene en reprotoxische stoffen
• Werken met bepaalde chemische agentia (tenzij er onder strikte wettelijke voorwaarden wordt mee gewerkt)
• Werken die instorting kunnen veroorzaken
• Besturen van graaf-, hei- en hefwerktuigen
• Sloopwerkzaamheden
• Bouwen en afbreken van steigers
• …

Afwijkingen
In sommige gevallen zijn uitzonderingen mogelijk op deze verboden activiteiten. Jonge werknemers, met uitzondering van jobstudenten, mogen deze taken wél uitvoeren indien het essentieel is voor hun beroepsopleiding en indien de nodige preventiemaatregelen genomen zijn, maar enkel indien het werk wordt uitgevoerd in aanwezigheid van een ervaren werknemer.
Voor jobstudenten is een afwijking enkel mogelijk indien ze 18 zijn of ouder. Ook moet hun studierichting overeenstemmen met de uit te voeren taak en is het voorafgaand advies van het comité voor preventie en bescherming op het werk en de preventieadviseur(-s) hiervoor vereist. 
Jobstudenten mogen nooit gemotoriseerde hefwerktuigen (zoals bijvoorbeeld een heftruck) bedienen, ook al zijn ze ouder dan 18 jaar. Kleinere gemotoriseerde hefwerktuigen, zoals een transpallet, mogen ze echter wel bedienen mits er voldaan is aan een aantal voorwaarden. Een transpallet met meelopende bestuurder waarvan de snelheid beperkt is tot 6 km/u kan ook bediend worden door jobstudenten vanaf 16 jaar.

Welke risico’s?
De codex verplicht de werkgevers om een speciale risicoanalyse uit te voeren voor de jongere werknemers. Bij die analyse moet de werkgever rekening houden met de specifieke kenmerken van jongeren, zoals hun gebrek aan ervaring, hun beperkt inzicht in risico’s en hun jonge leeftijd.
Deze analyse moet worden uitgevoerd vooraleer de jongeren aan de slag gaan. Bovendien moet deze analyse vernieuwd worden bij elke belangrijke wijziging van de werkpost en moet ze jaarlijks opgefrist worden.
Op basis van de risicoanalyse moet de werkgever vervolgens bepalen welke preventiemaatregelen nodig zijn. Ook hier moet hij rekening houden met de specifieke situatie van de jongere. 

Gezondheidstoezicht
De resultaten van de risicoanalyse moeten ook uitwijzen of de jongeren regelmatig moeten onderzocht worden door arbeidsgeneesheren, het zogenaamde gezondheidstoezicht. Als de risicoanalyse aantoont dat de jongere aan risico’s wordt blootgesteld waarvoor ook de ‘gewone’ werknemers naar de dokter moeten, dan geldt dit gezondheidstoezicht ook voor de jongere.
Wanneer de jongere minderjarig is, nachtarbeid verricht of toch activiteiten uitvoert die normaal gezien verboden zijn voor jongeren, dan is het gezondheidstoezicht steeds sowieso verplicht.
Het gezondheidstoezicht is niet verplicht voor leerlingen. Voor stagiairs is er een aparte regeling.
Voor jobstudenten ligt het wat moeilijker. Zij kunnen ook onderworpen worden aan het gezondheidstoezicht, maar door de korte duur van hun tewerkstelling is dit in realiteit erg moeilijk te verwezenlijken. 

Peter-, meterschap
Wie herinnert zich niet zijn eerste werkdag? Het groentje dat niemand kent en alles nog moet leren. Wie geluk heeft, wordt goed opgevangen en stoot op iemand die zich ontfermt over de nieuwe werknemer. Zeker in industriële omgevingen, met veel risico’s, kan zo’n ‘beschermengel’ een wereld van verschil betekenen.
Een goed onthaal van jonge werknemers is de ideale gelegenheid om vanaf de eerste werkdag duidelijke afspraken te maken en informatie te verstrekken over de veiligheid in de onderneming.
Sommige bedrijven kiezen ervoor om aan nieuwe werknemers een meter of peter toe te wijzen. Dat is een ervaren werknemer, die de nieuweling met raad en daad bijstaat. Belangrijk is dat de peter of meter zelf goed weet welke activiteiten de jongere wel en niet mag uitvoeren, en wat de risico’s zijn die gepaard gaan met de job.

Codex welzijn op het werk Boek X Werkorganisatie en bijzondere werknemerscategorieën, Titel 3 Jongeren (voorheen KB van 3 mei 1999 betreffende jongeren op het werk, BS, 3 juni 1999). Gecoördineerde teksten (preventLex)
 

: PreventActio 05/2016