Een gezonde en veilige tewerkstelling van personen met een arbeidsbeperking

Een optimale afstemming tussen de werknemer en de job cruciaal is voor een duurzame tewerkstelling. Daarvan is men ook bij Mariasteen overtuigd. In deze beschutte werkplaats staat dan ook de mens en niet het product centraal. Het zoeken naar deze optimale afstemming gebeurt in het Ergolab.
Koen Staelens, Herman De Gryse, Mariasteen vzw

De organisatie
Mariasteen vzw is een West-Vlaamse beschutte werkplaats die sinds 1963 duurzame arbeid verschaft aan personen met een handicap. Het gaat om een allround aannemingsbedrijf dat momenteel werk biedt aan meer dan 830 mensen. Het bedrijf levert producten en diensten aan diverse klanten (tabel 1).

Tabel 1: Hoofdactiviteiten van Mariasteen vzw

PRODUCTIE
DIENSTEN
Eigen product
Onderaanneming
Groenzorg
Orthopedie
Feest-, congrescentrum
In eigen werkplaatsen
Enclaves
Pallets
Metaalbewerking
Houtbewerking
Montage, assemblage
Conditionering
Bufferatelier

    Optimale afstemming mens-werk
    Mariasteen heeft in eerste instantie een sociaal doel, met name duurzame en lonende tewerkstelling bieden aan personen met een arbeidshandicap. In praktijk betekent dit dat er gezocht wordt naar geschikt werk voor de doelgroepen, er aangepaste werkomstandigheden worden gecreeërd en de individuele arbeidsmogelijkheden worden begeleid en geoptimaliseerd. Daarnaast wil Mariasteen vzw als modern bedrijf een volwaardige partner zijn die kwalitatieve en op tijd geleverde producten en diensten aanbiedt tegen een correcte prijs.

    Om deze doelstellingen met elkaar te verzoenen, werd in 2005 een nieuwe cel opgericht in het bedrijf, het Ergolab. Het Ergolab biedt de mogelijkheid om mensen met een handicap of met verminderde kansen op de arbeidsmarkt te testen, te oriënteren en te trainen, en zo de koppeling te maken tussen de vaardigheden van het individu en de competenties die nodig zijn voor het uitvoeren van de job.


    Hoe gaat het in zijn werk?

    Het Ergolab is gestoeld op drie pijlers:
    1. Oriëntering – training – opleiding van werknemers
    2. Het uitwerken van nieuwe productieopdrachten
    3. Begeleiding – nazorg van de werknemers

    1. Oriëntering, opleiding en training

    Aan de slag gaan bij Mariasteen vzw start met een oriëntering. De oriëntering heeft tot doel de aanleg, de mogelijkheden en beperkingen, de voorkeuren en interesses van de werknemer in kaart te brengen in functie van het uitzoeken van een haalbaar jobprofiel. Na de intake doorloopt de werknemer een aantal professionele testen, zowel op fysiek als cognitief vlak. Hiervoor worden een aantal gestandaardiseerde instrumenten gebruikt (o.a. Ergokit, Melba en Ida (1)).

    De functionele arbeidsvaardigheden worden op een geijkte manier gemeten en in kaart gebracht. Het gaat hier meer bepaald om de cognitieve, communicatieve en sociale vaardigheden, de psychomotorische mogelijkheden van de persoon, de technische en schoolse competenties en de attitude van de toekomstige werknemer.

    De metingen geven onder meer inzicht in de volgende vragen:
    -Welke taken lukken en welke niet? Waarom? Met welke taken heeft de werknemer de meeste affiniteit?
    -Over welke technische competenties beschikt de werknemer al? Welke technische competenties moeten aangeleerd worden in functie van het beoogd jobpofiel?
    -Beschikt de werknemer over de vereiste arbeidsatttitudes? Kan de werknemer zelfstandig werken?
    -Welke opleidings- of begeleidingstermijn is noodzakelijk in functie van tewerkstelling? Beschikt de werknemer over voldoende potentieel om een opleiding aan te kunnen?
    -Zijn er ergonomische aanpassingen van de werkomgeving nodig?
    -Op welk niveau en in welke vorm moeten de instructies aangebracht worden?
    -Heeft de werknemer nood aan een extra vooropleiding of training in een beschermde omgeving (bufferatelier) alvorens in de BW tewerkgesteld te worden?

    De informatie die voortvloeit uit de oriëntering wordt vervolgens gebruikt om de kandidaat-werknemer te linken aan een passende baan binnen Mariasteen en een individueel begeleidingsplan op te stellen die de noden en vooruitgang van de werknemer opvolgt.
    In het plan wordt vastgelegd welke training en specifieke vaardigheden de werknemer nodig heeft om goed aan de slag te kunnen in de functie.
    Daarnaast worden er een aantal individuele ergonomische aandachtspunten bepaald zodat er een aangepast ergonomisch advies kan gegeven worden.

    Praktijkvoorbeeld 1: “Aangepaste werkpost vanuit de screening”
    Voor een klant moesten er op een verstevigingsbeugel voor rugzakken 2 doppen gestoken worden en 2 schroeven worden ingedraaid. Er werd besloten om deze taak te laten uitvoeren door een blinde man. Uit zijn tests bleek immers dat hij een goede handvaardigheid had, een goed inzicht, een goed bevattingsvermogen en vooral de wens om waardige opdrachten te krijgen. Een aangepaste werkpost was noodzakelijk.
    Er werd een mal gemaakt waar de beugel perfect in paste. De pneumatische schroefmachine met pushstart werd op een lineair systeem gezet (hoog-laag en links-rechts). De bit-houder werd magnetisch gemaakt zodat de schroef er bleef aan vasthangen. Het lineair systeem werd in uitwijkmogelijkheid beperkt door 2 stops. Als het schroeftoestel langs de stop op het stuk kwam, draaide het toestel automatisch zodat de schroef altijd op de juiste plaats zat. De man werkte duizenden exemplaren af...
      2.Uitwerken van productie-opdrachten
      Gezien de uiteenlopende hoofdactiviteiten kunnen productieprocessen en locatie, afhankelijk van de opdrachtgever, sterk variëren. Daarom gaat aan het opstarten van elke nieuwe opdracht een grondige studie vooraf naar impact en haalbaarheid van het gevraagde werk voor de werknemers.
      De wettelijke motivatie hiervoor situeert zich duidelijk in de Welzijnswet. Vanuit sociaal perspectief tracht men op deze manier de optimale link te creeëren tussen capaciteiten van de werknemers en de jobvereisten om te komen tot duurzame tewerkstelling. Tegelijkertijd tracht men vanuit economisch perspectief te komen tot een budgetvriendelijk productiesysteem, economisch rendabel en verantwoord in aankoop.

      Verschillende aspecten komen aan bod bij het opstarten van een nieuwe opdracht. Een eerste belangrijke stap is nagaan welke jobeisen er op fysiek, cognitief en sociaal vlak gesteld zullen worden aan de werknemer en hoe de bestaande werkpost eruitziet, bv. bij het werken in enclaves. Mogelijke aspecten die hierbij aan bod kunnen komen zijn: Gaat het om repetitief of afwisselend werk? Moet de werknemer samenwerken met anderen? Ligt de nadruk op kwaliteit of kwantiteit? Moet het werk buiten of binnen gebeuren? Welke omgevingsomstandigheden zijn er aanwezig op de werkpost (warme of koude werkomgeving, lawaaierig of stil,…)?

      Vervolgens onderzoekt het Ergolab welke hulpstukken en gereedschappen de werknemer nodig heeft om de specifieke taken uit te voeren. Hierbij worden zowel de noden van het individu als de nodige veiligheids- kwaliteitseisen in rekening gebracht. Fysieke of cognitieve beperkingen van de werknemer kunnen eventueel overbrugd worden door hulpstukken, zodat het werk in optimale omstandigheden kan uitgevoerd worden. Het voorzien van hulpstukken en gereedschap op maat van het individu helpt vaak in het beperken van fouten.

      Een derde stap is het opstellen van werkmethodes voor bepaalde opdrachten en taken. De organisatie van de taak wordt onder de loep genomen en indien nodig aangepast. Zo worden taken vaak opgedeeld en vereenvoudigd in kleinere deeltaken die elk op zich op een intensieve manier worden aangeleerd en daarna weer samengebracht om de taak in zijn geheel uit te voeren. In hoeverre deze taken moeten vereenvoudigd worden, is afhankelijk van de competenties van de betrokken werknemers.

      Eens dit alles duidelijk is, wordt de lay-out van de werkpost uitgetekend en gerealiseerd rekening houdend met de handicap van de persoon en de eisen van het product. Vervolgens wordt aan de hand van gedetailleerde tijdstudies en voorcalculaties een budgetvriendelijk productiesysteem opgezet met oog voor de economische rendabiliteit.

      Vooraleer de werknemer aan de slag kan op de werkpost, krijgt hij/zij aangepaste jobtraining. Dit kan gaan van het gebruik van hints, aansporingen, gebaren, werkinstructies tot persoonlijke assistentie om de werknemer te helpen de taak tot een goed einde te brengen.

      Praktijkvoorbeeld 2: Uitwerken van een productie-opdracht
      Bij de montage van fietsen is een van de taken, het afzagen van de fietsvork, een zeer moeilijke en secure opdracht. Het afzagen van de fietsvork moet tot op de millimeter correct zijn. Dit is eigenlijk onbegonnen werk voor de doelgroep. Aanpassing van de werkpost aan de capaciteiten van de persoon met handicap, maakte hier een eenvoudige en veilige activiteit van. Als het voorstuk van het kader bv. 17 cm lang is, moet de vork afgezaagd worden op 20,5 cm. Op de zaagmachine staan voor de verschillende kaderafmetingen, buisjes van verschillende lengtes. Bv. voor 17 cm (voorstuk kader) moet de vork 20,5 cm lang zijn en neemt men het gele buisje. Dit schuift men over de vork en plaatst deze in de mal op de zaagmachine. Met een tweehandenbediening zaagt men altijd correct op maat.


      3. Begeleiding en nazorg
      Eens de optimale afstemming tussen de werknemer en de job gemaakt is, staan begeleiding en nazorg centraal. Deze afstemming is immers dynamisch, de belastbaarheid van de werknemer kan om allerlei redenen verminderen waardoor de jobbelasting niet meer in evenwicht is met zijn comptenties. Ook de jobeisen kunnen wijzigen waardoor het werk te zwaar wordt voor de werknemer of waardoor hij onderbelast wordt en minder goed gaat presteren. Dit betekent dat zowel de implementatie en opvolging in het reële werkveld als de begeleiding van het individu in de opstartfase van essentieel belang zijn in het kader van de begeleiding en nazorg.

      De multidisciplinaire samenstelling van het Ergolab
      Nieuwe mensen melden zich aan bij de personeelsdienst. Ze komen twee dagen op proef in het Ergolab, waar een team van 9 personen ter beschikking staat. Het betreft 7 ergotherapeuten. Verder is er een arbeidsanalist en een ingenieur elektronica aanwezig. Een ergotherapeut heeft ook een opleiding ergonomie gevolgd. Het Ergolab staat los van de productie-eenheden en is in de eerste plaats ter beschikking van de persoon met handicap.
      Na screening in het Ergolab wordt een verslag opgemaakt voor de personeelsdienst. Dit schetst de functionele mogelijkheden van de persoon met handicap, aandachtspunten (bv. epilepsie betekent in principe geen machineopdracht) en de oriëntatiemogelijkheden binnen het ruime werkveld.
      Bij indiensttreding zelf gaan de personeelsleden van het Ergolab mee op de werkvloer om de persoon in te werken en geven ze de monitor een aantal aandachtspunten mee omtrent de verwachtingen, aanbreng van gegevens, leermogelijkheden,... Ingenieur en arbeidsanalist helpen mee in de lay-out van de werkpost, tijdsstudies en aanpassingen.
      Elke monitor, de sociale dienst of de mensen zelf kunnen knelpunten, probleemgebieden, nood aan hulpmiddelen of wensen melden.
      De mensen weten zeer goed wat het Ergolab doet en wat ze van hen kunnen verwachten.


      Resultaten van het project
      Dankzij het Ergolab kunnen personen met een handicap steeds gerichter georiënteerd worden. De werknemers komen immers vlotter op de geschikte arbeidsplaats terecht en er worden een aantal mislukkingen vermeden omdat de werknemers volgens hun eigen mogelijkheden op de juiste manier belast worden. Dit vertaalt zich in een aantal positieve evoluties.

      Zo evolueerde het tewerkstellingscijfer van personen met handicap binnen Mariasteen in de laatste jaren positief. In tegenstelling tot vroeger toen er nog heel wat routinewerk gedaan werd, is kort op de bal spelen en een snelle omschakeling van essentieel belang. Dit kan pas als een goede afstemming tussen werknemerscapaciteiten en arbeidseisen gecreëerd wordt.
      Terwijl de werknemers vroeger vaak werkloos waren bij een tijdelijk tekort aan onderdelen kunnen ze nu veel vlotter overschakelen naar andere werksituaties.
      Een voordeel is ook dat indien sommige werknemers door een evoluerend ziektebeeld op een bepaald moment in de problemen komen, men nu door middel van de heroriëntatie snel tot een efficiënte oplossing kan komen.

      De werknemers van het Ergolab leerden dat elke persoon een aantal intrinsieke mogelijkheden heeft en hoe ze deze mogelijkheden kunnen ontdekken. Ze nemen deze mogelijkheden ook telkens mee in het denkproces. Respect en waardering voor elke mens, ongeacht zijn of haar capaciteiten staan centraal. Een aantal mensen doen bij Mariasteen nu dingen die niemand vroeger had durven dromen. De werknemers ontwikkelen een duidelijk gevoel van zelfwaarde in een reële werkomgeving. Dit leidt er momenteel soms toe dat klanten die een beroep doen op werknemers van Mariasteen het Ergolab inschakelen bij het zoeken naar efficiënte ergonomische oplossingen bij probleemsituaties in hun bedrijf.

      Mogelijke knelpunten
      Ondanks de positieve effecten van het Ergolab, werden er een aantal mogelijke knelpunten vastgesteld die het welslagen van een traject in de weg kunnen staan. Het is dan ook van belang hier even bij te blijven stilstaan.

      Een groot deel van de vaardigheden worden beoordeeld tijdens de oriëntatie in het Ergolab, maar dit alleen volstaat niet, het contact met de werkvloer blijft belangrijk om ook o.a. de sociale vaardigheden te kunnen inschatten. Omgevingsfactoren spelen een belangrijke rol in het uitvoeren van een werkopdracht. Ze hebben een invloed op de cognitieve en fysieke mogelijkheden en kunnen bijgevolg een doorslaggevende rol spelen in het al dan niet slagen van de (blijvende) tewerkstelling.

      De deelname aan de tests gebeurt op vrijwillige basis. Cliënten kunnen er dus voor kiezen om een bepaalde test niet uit te voeren. De ervaring en de creativiteit van de testleider moet er dan voor zorgen dat er toch een uitspraak kan gedaan worden over de verschillende mogelijkheden en beperkingen. Dit gebeurt dan echter niet meer op gestandaardiseerde wijze waardoor de conclusies minder gestaafd kunnen worden.

      De afname van de testen, uitvoeren van worksamples, concreet werken op de werkvloer en de rapportering vragen een grote tijdsinvestering. Deze investering loont echter omdat het voor de mensen zelf de slaagkansen vergroot. De juiste man/vrouw op de juiste plaats zorgt voor een groter tevredenheidsgevoel, een positieve ervaring en stimuleert werknemers om verder te groeien of hun restmogelijkheden te handhaven.

      De werknemers staan soms weigerachtig tegenover de test en vrezen dat als er een test niet goed werd uitgevoerd, ze hun tewerkstellingskansen verminderen. Bij aanvang van de testfase is het dus zeer belangrijk de deelnemers goed te informeren en duidelijk te maken wat de bedoeling van de testen is. Zo wordt er telkens uitgelegd dat er via de ‘gemakkelijke’ testen wordt nagegaan wat hun mogelijkheden zijn en dat door middel van de testen die zij als ‘moeilijk’ ervaren wordt beoordeeld waarmee er rekening moet gehouden worden bij de tewerkstelling. De kansen op tewerkstelling verkleinen niet, integendeel. Weet hebben van de ‘beperkingen’, zorgt voor betere mogelijkheden tot ondersteuning op de werkvloer.

      Geen enkele oriëntatie is dezelfde. De aanpak en de aard van de testen verschilt van persoon tot persoon. Er is dus niet alleen een tewerkstelling op maat, maar ook een oriëntatie op maat.

      Succesfactoren
      Door de doorgedreven koppeling van de vaardigheden van het individu met de competenties die nodig zijn voor de uitvoering van de job wordt er een veel grotere slaagkans op duurzame tewerkstelling gecreëerd. De oriëntering en het testen gebeuren aan de hand van wetenschappelijk onderbouwde instrumenten en in een reële werksituatie met geschikte werkopdrachten. De training en opleiding bereiden werknemers maximaal voor op de arbeidsmarkt. De werknemer wordt op een wetenschappelijke en intensieve manier ondersteund en bijgestuurd naargelang de capaciteiten, de gewenste arbeidsattitude, en met het oog op het verhogen van de competenties en het maximaliseren van de ontplooiingskansen.

      Besluit
      De totale investering van het Ergolab en de manier van werken is relatief groot. Op korte termijn kan men daar de return niet van berekenen. Maar na 2 jaar werken bewijst deze manier van werken zijn waarde voor de werknemers en de organisatie.
      Dit betekent dat het ook een tijd duurt vooraleer de basis overtuigd is van de waarde van dergelijke werking. De resultaten halen het tenslotte van de sceptici.



      Prevent ondertekent samenwerking met NIDMAR
      In het kader van het Equal-project Intro_DM “Introductie in Disability Management”, heeft Prevent een samenwerking met NIDMAR ondertekend om de hertewerkstelling na een ongeval of ziekte te vermakkelijken.
      Bij het pilootproject wordt de methodiek Disability Management (DM) op maat van de Belgische context ontwikkeld en verspreid. Deze methodiek stamt eigenlijk uit Canada, waar het op een wetenschappelijk gefundeerde manier werd ontwikkeld door NIDMAR, National Institute for Disabililty Management and Research.

      De samenwerking met NIDMAR laat Prevent toe om de jarenlange expertise die NIDMAR opbouwde rond professionele reïntegratie ook in België aan te wenden, deel te nemen aan het internationale DM-netwerk en zo het pilootproject Intro_DM te bestendigen. In de praktijk zal deze samenwerking onder meer leiden tot opleidingen, studiedagen en de ontwikkeling van tools en didactisch materiaal voor professionals die zich bezighouden met reïntegratie (werkgevers, arbeidsgeneesheren, adviserende geneesheren,...).

      Meer informatie over Nidmar: http://www.nidmar.ca
      Meer informatie over IntroDM: http://www.introdm.be/


      ____________________________

      (1) Melba: dit is een systeem waarmee aan de ene kant de mogelijkheden van een persoon en aan de andere kant de eisen van een functie gedocumenteerd kunnen worden. Het systeem bestaat uit een capaciteiten- en een eisenprofiel. De vergelijking van deze beide profielen maakt adequate advisering mogelijk. Melba werd in Duitsland door de Universiteit van Siegen ontwikkeld in opdracht van het "Bundesministeriums für Arbeit und Sozialordnung" en is geschikt om toe te passen bij Disability Management, Vocational Rehabilitation en arbeids(re)integratie in de meest brede zin van het woord.
      Meer informatie: www.melba.nl

      Ida: "Het Instrument voor de Diagnostiek van Arbeidsvaardigheden (IDA)“ is een diagnostisch instrument, dat afgestemd is op het documentatie-instrument Melba. Met IDA kunnen de verschillende arbeidsrelevante sleutelkwalificaties geselecteerd en beoordeeld worden die met Melba gedocumenteerd worden. Het gebruik van IDA is dus gekoppeld aan het gebruik van Melba. IDA biedt een aanvulling op de overige mogelijkheden omdat het gaat om gestandaardiseerde toetsen die duidelijk verwijzen naar bepaalde Melba-items. Op basis van de vragen die de onderzoeker heeft, kunnen de betreffende IDA-toetsen geselecteerd en afgenomen worden.
      Meer informatie: www.melba.nl

      Ergokit: analyseapparaat dat gebruikt wordt om de functionele capaciteiten verbonden aan de job te meten.
    : PreventFocus Nr. 10, 2007