Onderzoek

Rioolarbeiders blootgesteld aan een chemische cocktail

Uit een meetcampagne uitgevoerd door het Franse voedselveiligheidsagentschap Anses onder de rioolwerkers van de stad Parijs, blijkt dat zij worden blootgesteld aan carcinogene, mutagene en reprotoxische stoffen. De studie brengt eveneens de risicovolste taken in kaart. In de meeste situaties liggen de geregistreerde concentraties onder de grenswaarden voor blootstelling. Maar ten gevolge van de gelijktijdige blootstelling aan verschillende chemische samenstellingen kan men niet verzekeren dat de impact op de gezondheid nihil is.

Biologische agentia met preventie bestrijden

Bacteriën, schimmels, virussen en parasieten zijn overal aanwezig in onze leefomgeving. Soms kan blootstelling aan deze biologische agentia tot gezondheidsklachten leiden. Bij bepaalde groepen werknemers is blootstelling een reëel risico. De Nederlandse Gezondheidsraad ging na in hoeverre het mogelijk is een veilige norm vast te stellen voor verschillende soorten biologische agentia.

Sectoraal onderzoek naar de blootstelling van Franse werknemers aan chemische en biologische risico’s

Volgens het laatste Sumer-onderzoek (“Surveillance médicale des expositions aux risques professionnels” - medisch toezicht op de blootstelling aan beroepsrisico’s), wordt één op drie Franse werknemers blootgesteld aan ten minste één chemisch product bij de uitoefening van de beroepsactiviteit. De bouwsector, de openbare ziekenhuizen, de industrie en de landbouw zijn de sectoren met de grootste blootstelling.

Blootstelling van de huid aan biologische, fysische en chemische risico’s

Het wijdverbreide gebruik van en de blootstelling van werknemers aan chemische agentia zorgde de laatste jaren voor een toename van huidaandoeningen. Om de risicofactoren en bestaande methoden in kaart te brengen, onderzocht het Risk Observatory van het Europees Agentschap hoe het staat met de erkenning, de evaluatie en de preventie van de blootstelling aan chemische, fysische (1) en biologische agentia in de Europese Unie.

Nationale studie van de niet-rapportering van accidentele bloedcontacten in de Belgische ziekenhuizen

In mei 2003 startte het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV) een programma voor de nationale surveillance van accidentele bloedcontacten (ABC). Vier jaar later begon het WIV met een studie van de niet-rapportering in de ziekenhuizen die hadden deelgenomen aan de nationale surveillance van ABC. Er zijn veel prik- en spatongevallen in de ziekenhuizen, maar ze worden zelden gerapporteerd. Hoe komt dit? Het WIV probeerde hierop een antwoord te vinden via een vragenlijst.

Biologische risico’s in Europa

De Franse instelling Eurogip publiceerde onlangs een enquêterapport over biologische risico’s waarmee werknemers in Europa te maken kunnen krijgen. Uit het onderzoek, dat gevoerd werd door bevoegde instellingen in verschillende Europese landen, blijkt dat steeds meer personen in het kader van hun werk en in zeer uiteenlopende sectoren aan biologisch risico zijn blootgesteld. Ook al is dit risico alomtegenwoordig in de werkomgeving, het blijft een onbekende en wordt vaak onderschat. PreventActua geeft een samenvatting van de enquête.

Het belang van de aangifte van accidenteel bloedcontact

Er zijn nog steeds veel verpleegkundigen die prikongevallen niet aangeven. De gevolgen kunnen niettemin ernstig zijn. PreventActua gaat dieper in op deze puntige kwestie…

Accidentele bloedcontacten in Belgische ziekenhuizen

In juni 2003 startte het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid (WIV) de surveillance van accidentele bloedcontacten in Belgische ziekenhuizen. De eerste resultaten van de studie geven een overzicht van het aantal en type prikaccidenten, de omstandigheden waarin ze gebeurd zijn en de genomen preventiemaatregelen.