Getuigenis: Werken met een bipolaire stoornis

Bipolaire stoornissen raken steeds beter bekend. Misschien heeft de World Bipolar Day op 30 maart, de geboortedatum van Vincent Van Gogh, daar iets mee te maken. Die grotere bekendheid is een goede zaak voor bipolaire mensen, want deze mysterieuze ziekte werd lange tijd miskend. Maar hoe vergaat het hen op de werkvloer? Bipolaire stoornissen kenmerken zich immers door afwisselende manische en depressieve periodes.
Bipolaire stoornissen? 
Bipolaire stoornissen, vroeger manisch-depressieve psychose genoemd, komen op verschillende manieren tot uiting. De meest bekende vorm is een afwisseling van manische (of hypomanische) episodes met depressieve episodes. 
 
Afwisselende fasen
Tijdens de manische fase is de persoon hyperactief, euforisch en ongewoon spraakzaam. Hij of zij denkt de hele wereld aan te kunnen, maakt te veel plannen en balanceert tussen lachen en huilen. Hij of zij geeft vaak ook buitensporig veel geld uit.
In de depressieve fase lukt niets. Alles gaat trager, de betrokkene is neerslachtig, heeft nergens zin in en wil soms sterven. Soms zorgt de angst er ook voor dat men niet kan stilzitten. Concentratie- en geheugenstoornissen zijn ook een veelvoorkomend symptoom. De slaap en eetlust zijn verstoord.
Tussen de twee fasen gedraagt de bipolaire persoon zich zo goed als normaal. Deze toestand wordt ‘euthymie’ genoemd.
 
Getuigenis van Antonio: “Ik ben bipolair en ik werk”
 
Sinds wanneer weet u dat u bipolair bent?
“Ik ben bipolair sinds mijn 18 jaar, maar de ziekte werd pas gediagnosticeerd toen ik 29 jaar oud was. Nu ben ik er 59. In het begin waren mijn stemmingsstoornissen gespreid. Tijdens de euforische fase was ik hyperactief, maakte ik veel plannen en werd ik beschouwd als de grapjas van de groep. Daarna volgde steevast een depressieve periode. Ik werd dus lange tijd verzorgd voor een depressie, hoewel ik er geen had.” 
 
Uw diagnose werd pas laat gesteld. Heeft dat een impact gehad op uw werk?
“Jazeker! Voordat ik de diagnose kreeg, heb ik meermaals mijn job opgezegd omdat ik het niet eens was met de manier van werken in het bedrijf. Eén keer zelfs heb ik zonder meer de deur achter mij dichtgetrokken omdat ik toen vond dat wat men mij vroeg, onmogelijk door één persoon uit te voeren was. Maar ik heb geen hulp gezocht of mijn overste ingelicht over het probleem. Ik ben gewoon weggegaan. Een andere keer kon ik de kritiek op mijn werk – waarvan ik vond dat het goed uitgevoerd was – helemaal niet aanvaarden. Nadat ik de baas mijn gedacht had gezegd, ben ik met slaande deuren vertrokken. Dergelijke voorvallen zijn uiteraard niet goed voor je carrière. Ik was dan ook zeer blij toen men de oorzaak van die gedragsveranderingen wist te achterhalen.”
 
Was het, na vaststelling van de diagnose, moeilijk om te gaan werken? 
“Na mijn diagnose heb ik enkele moeilijke periodes doorgemaakt.Ik heb mijn behandeling meermaals stopgezet omdat ik geen beterschap vaststelde. Ik liet de consultaties en medische onderzoeken voor wat ze waren. Het aantal inzinkingen nam toe en ik moest dus wel iets ondernemen. Uiteindelijk vond men een geschikte behandeling die me heeft gestabiliseerd.Sindsdien kan ik probleemloos gaan werken. Ik werk nu al 27 jaar in hetzelfde bedrijf. In hypomanische toestand voel ik mij goed; ik heb dan veel energie en werklust.Maar het kost me altijd enorm veel moeite om mijn emoties onder controle te houden in stresserende of conflictueuze situaties. Meestal lukt me dat goed. Het is niet altijd gemakkelijk, maar mijn baas vertrouwt mij.”
 
Bipolair en al 27 jaar in hetzelfde bedrijf?
“Ik denk dat ik veel geluk heb. Ik ben teamleider-schoonmaker en coördineer verschillende werven. Ik heb me zelden ziek gemeld. Ik geef mijn teams voldoende autonomie zodat ze ook kunnen functioneren als ik me niet goed voel. Bij de organisatie van mijn werk hou ik rekening met mijn ziekte: als ik mij in een depressieve fase bevind, wanneer alles trager gaat, geef ik mezelf de nodige tijd om mijn taken iets minder snel maar toch correct uit te voeren. Het resultaat is er en ik hoef mij hier geen zorgen meer om te maken. Mijn baas is tevreden over mij; ik werk nauwkeurig en efficiënt. Maar vooral, ik werk! De trage en luie bipolaire mens is een cliché. Iemand die aan een gestabiliseerde bipolaire stoornis lijdt, kan een normaal beroepsleven leiden.”
 
Welke eigenschap hebt u sinds uw ziekte het sterkst ontwikkeld?
“Ik heb mezelf beter leren kennen om de ziekte beter te begrijpen. Het is niet gemakkelijk veranderingen op te merken als je niet waakzaam bent. Je moet leren de eerste tekenen snel op te merken: een energieboost, overdreven optimisme, een groot zelfvertrouwen of de zin om verschillende plannen tegelijkertijd te maken, wijzen vaak op het begin van een manische episode, terwijl neerslachtigheid en negatieve gedachten dan weer wijzen op een depressieve episode. Discipline is zeer belangrijk. Je moet de behandeling strikt naleven en je regelmatig laten opvolgen.”
 
Moet u, naast uw behandeling, nog op andere zaken letten?
Het is belangrijk er een gezonde levensstijl op na te houden. Je moet goed slapen, drugs en alcohol zoveel mogelijk vermijden, structuur in je leven brengen, ... Het is niet eenvoudig je levenswijze af te stemmen op de ziekte, vooral wanneer de diagnose pas op je 30ste wordt gesteld, een leeftijd waarop je niet altijd zin hebt om een rustig en gestructureerd leven te leiden. 
 
Welke rol speelt uw omgeving in dit verhaal?
De steun van mijn echtgenote is cruciaal. Zij trekt aan mijn arm als ik niet luister of als ik mij halsoverkop in een nieuw avontuur stort of een project opstart dat gedoemd is om te mislukken. Op die manier heb ik immers al veel geld verloren. Maar ik voel me op die ogenblikken onoverwinnelijk. Ik ben er dan van overtuigd dat de resultaten die ik zal behalen, mij rijk zullen maken. In mijn donkere periodes ben ik soms agressief en verwens ik de hele wereld. Het is ook belangrijk dat mijn omgeving weet hoe de ziekte in elkaar zit en mijn stemmingswijzigingen kan opvolgen om zo de gepaste steun te bieden.
 
Hoe voelt u zich nu?
“Ik zit nu in een goede periode, anders had ik dit interview niet kunnen geven. Naarmate ik ouder word, worden de crisissen frequenter, maar ik ken mezelf beter dan vroeger en kan hier dus beter op inspelen.”
 
Hebt u uw werkgever gezegd dat u bipolair bent?
“Neen, en ik zal dat na al die jaren ook niet doen. Ik heb geen zin om met clichés en onwetendheid geconfronteerd te worden. Bovendien zou dat weer stress met zich meebrengen en ik ben niet zeker dat ik ermee zou kunnen omgaan. Maar ik ken lotgenoten die het wel hebben gedaan. Hun behandelend psychiater werkte daarvoor samen met de arbeidsgeneesheer, en dat was volledig in het belang van de patiënt.Het verschilt van persoon tot persoon en hangt ook af van de intensiteit van de aandoening. Er bestaan veel verschillende vormen.”
 
Bronnen: allodocteurs.fr, prevent.be
: preventActio 08/2018