Dossier: Werkgerelateerde musculoskeletale aandoeningen (MSA) van de bovenste ledematen

Op 28 februari vindt jaarlijks de Internationale RSI-dag plaats. Op deze dag wordt aandacht gevraagd voor de preventie en behandeling van repetitive strain injury (RSI) of repetitieve overbelastingsletsels. Doorgaans wordt echter de term werkgerelateerde musculoskeletale aandoeningen (MSA) gebruikt, omdat deze een bredere waaier van mogelijke oorzaken voor dit type aandoeningen inhoudt. Maar wat houdt RSI of werkgerelateerde MSA nu net in?

Wat is het?
Werkgerelateerde MSA (in het artikel verder afgekort als MSA) is geen ziekte, maar een verzamelnaam voor spier- en gewrichtsklachten die gerelateerd zijn aan het werk. Vaak situeren deze klachten zich ter hoogte van de rug. In dit dossier focussen we echter op MSA van de bovenste ledematen (handen, vingers, armen, polsen, ellebogen, schouders of nek) die meestal ontstaan als gevolg van een chronische overbelasting. Die overbelasting ontstaat door het herhaaldelijk uitvoeren van dezelfde bewegingen en/of het aannemen van langdurige statische of onnatuurlijke houdingen (vandaar de voorkeur voor de term MSA i.p.v. RSI). Voorbeelden van MSA zijn de muisarm of het carpaal tunnelsyndroom.
 
Symptomen
De symptomen variëren van persoon tot persoon. De klachten gaan van stijfheid en tintelingen tot een toenemende pijn naarmate de (werk)dag of (werk)week vordert. De pijn kan beginnen in het ene lichaamsdeel en zich verplaatsen naar het andere. Er kunnen drie stadia onderscheiden worden in het ontstaan van MSA van de bovenste ledematen. 
 
Stadium 1
In deze eerste fase, die maanden kan duren, ontstaan klachten zoals gevoelloosheid of tintelingen in de handen en vingers of pijn en stijfheid in de armen. Door te rusten, nemen de klachten af; ’s nachts heb je er dan ook geen last van. Je kan je werk/hobby nog steeds probleemloos uitvoeren.
 
Stadium 2
In het tweede stadium houden de klachten langer aan en evolueren deze ook naar krachtvermindering, bewegingsbeperking en controleverlies in armen of handen. De klachten treden nu ook ’s nachts op en beïnvloeden de werkprestatie. Ook dit stadium kan maanden duren.
 
Stadium 3
In de laatste fase, die jaren kan duren, zijn de klachten continu aanwezig en beïnvloeden niet enkel je werk, maar ook je nachtrust. De krachtvermindering en bewegingsbeperking neemt toe waardoor je grote moeilijkheden krijgt om het huishouden, je werk en hobby’s uit te voeren.
 
Oorzaken en risicofactoren
De overbelastingsklachten van MSA worden veroorzaakt door een combinatie van verschillende risicofactoren. Er zijn drie groepen risicofactoren te onderscheiden: persoons, -omgevings- en -activiteitsgebonden factoren.
Voorbeelden van persoonsgebonden risicofactoren zijn leeftijd en geslacht (MSA komt vaker voor bij vrouwen en jongeren), hypermobiliteit en verminderde fysieke conditie. Omgevingsgeboden factoren zijn bijvoorbeeld stress en een hoge werkdruk, maar ook koude en blootstelling aan trillingen. Repeterende bewegingen, een foute werkhouding en het uitoefenen van te veel kracht gedurende een langere periode zijn voorbeelden van activiteitsgebonden risicofactoren die MSA kunnen veroorzaken.
 
Behandeling
Bij alle vormen van MSA wordt volledige rust afgeraden en moet je dus blijven bewegen. Wel moet je oppassen met het uitvoeren van bewegingen die pijn uitlokken. Bij een muisarm, bijvoorbeeld, zal de arts of ergonoom normaal niet aanraden om te stoppen met beeldschermwerk, maar zal hij eerder adviseren om dit soort werk te doseren en eventueel je werkhouding aan te passen.
Als een vorm van MSA wordt vastgesteld, zal je rekening moeten houden met enkele belangrijke aandachtspunten. Zo moet je zorgen voor een gezonde levensstijl (stress vermijden, gezond eten, ...) en regelmatig ontspannen. Een goede werkhouding is ook erg belangrijk. De werkgever kan indien nodig – liefst met behulp van advies van de preventieadviseur ergonomie en de arbeidsgeneesheer – de werkplek, het meubilair of de werkorganisatie aanpassen.
Als de klachten ernstig worden, kan een medische therapie of behandeling nodig zijn. 
 
Risicoberoepen
Niet enkel beeldschermwerkers lopen een verhoogd risico op MSA (dikwijls muisarm). Ook in andere beroepen komt het voor. De risicoberoepen zijn alle beroepen waarin vaak taken uitgevoerd moeten worden waarbij je regelmatig dezelfde hand- of armbeweging moet maken of waarbij je vaak in dezelfde ongunstige houding moet werken. Voorbeelden van zulke beroepen zijn musici, slagers, postbodes, kassapersoneel, bandwerkers, schoonmakers, ...
Sinds 2012 zijn enkele specifieke vormen van MSA (tenniselleboog, springvinger, ...) opgenomen in het lijstsysteem van het Federaal agentschap voor beroepsrisico’s (Fedris).
 
Tips voor preventie
Om MSA te voorkomen, zijn er enkele maatregelen die je kan nemen.
 
Beweging en ontspanning
  • Beweeg voldoende. Te weinig beweging en een slechte conditie zijn immers risicofactoren die MSA kunnen veroorzaken. Op het werk kan je aan/naast je bureau gemakkelijk enkele kleine oefeningen doen. 
  • Wissel computerwerk af met andere activiteiten (bv. telefoneren, kopiëren, ...). 
  • Neem pauzes om de spieren even rust te gunnen. Bij computerwerk probeer je om elk uur even op te staan en bijvoorbeeld naar de keuken of de wc te lopen. Om zeker niet te vergeten pauzeren, kan je pauzesoftware op je computer installeren of een timer gebruiken. 
  • Probeer stress en werkdruk te beperken. Het is gemakkelijker gezegd dat gedaan, maar je eigen werk kunnen indelen, zorgt voor minder stress. 
  • In de industrie kan je bij repetitief werk afspreken met je leidinggevende en je collega’s om regelmatig van werkplek of taak te wisselen en jobrotatie toe te passen.
 
Werkhouding en -plek
  • Zorg voor een goede werkhouding. Je beeldscherm moet met de bovenkant op ooghoogte staan en je knieën moeten iets lager dan je heupen staan. Je onderarmen staan best in een hoek van 90° met je bovenarmen. Zit ook altijd recht voor je computer. 
  • Probeer de muis zo vaak mogelijk los te laten door af te wisselen tussen muis en toetsenbord. Als je de muis gebruikt, doe je dit best met je hele hand.
  • Schakel hulpmiddelen voor je laptop of tablet in. Er bestaan standaarden waar je je laptop of tablet kan opzetten. Zo komt het scherm hoger en dus op een gunstigere plaats te staan. Kies best voor een verstelbare standaard. Ook kan je een los toetsenbord of aparte muis aansluiten op je laptop of tablet. Er zijn verder ook ‘specialere’ hulpmiddelen op de markt zoals trackballs (muis waarbij je je duim gebruikt om het pijltje te laten bewegen i.p.v. je arm) en gesplitste toetsenborden.
  • Ook in industriële werkplekken probeer je te zorgen voor een goede werkhouding (rechte rug, nek niet gebogen of gedraaid, voorwerpen binnen gemakkelijke reikwijdte en geen gebogen of gedraaide polsen of armen). Let ook op bij repetitief tillen van lasten, draaibewegingen of repetitief knijpen. Bij klachten roep je de hulp in van je leidinggevende en de preventieadviseur.
 
: preventActio 02/2019